Citytrip: 7x Gent

De helft van Ambassador.land was nog nooit in Gent geweest, de andere helft is er kind aan huis. Tijd om de balans een beetje recht te trekken. En al lijkt hartje winter niet de meest voor de hand liggende periode, zelfs dan stelt Gent niet teleur. De Generaal selecteerde zijn zeven hoogtepunten.

 

1. De Sint-Michielsbrug

De mooiste entree van de stad en tegelijkertijd eentje die de bezoeker een tikkeltje misleidt. Want kom je over de Sint-Michielshelling aangelopen, dan ligt er voor je een uitzicht dat Harry Potter gehad moet hebben toen hij op z’n bezemsteel richting Hogwarts vloog. Een verzameling Middeleeuwse torens en gevels, goud oplichtend in de winterzon die even daarvoor nog tegengehouden werd door een flinke sneeuwbui. Maar schizofreen winterweer en tovenaars terzijde, de binnenstad van Gent is van ongekende schoonheid. En het best bewonder je die vanaf de Sint-Michielsbrug. Sta je midden op de brug, dan kijk je niet alleen naar de Sint-Niklaaskerk, het Belfort en het oude postkantoor, aan de oevers van de Leie staan de mooiste middeleeuwse panden te schitteren. Prachtige pakhuizen, ’s avonds verlicht en weerspiegelend in het water, met daarachter ook nog eens de vlaggen van Het Gravensteen, de middeleeuwse burcht, fier wapperend in de wind. Gent lijkt ineens een plek voor ridders en prinsessen, voor edelmannen en jonkvrouwen.

2. Oudburg

‘Eigenlijk zou je op vijf uur in de ochtend met een flink bezopen kop moeten gaan eten bij ’t Hoekske. Dat is pas echt Gents. En dan daar mosselen bestellen ofzo. Maar er zijn meerdere opties die minder extreem zijn.’ Aan het woord: onze eigen Consul. De helft van Ambassador.land kent Gent maar al te goed, en dan met name vanwege zijn vrouw (lees hier hoe ze elkaar het jawoord gaven) die er vandaan komt. Veel van die minder extreme opties zijn te vinden in Oudburg. Cocktailbar Jigger’s bijvoorbeeld, of The Drifter, waar ze een piratenschip vol rum voor je neus zetten, brandend en al. En helemaal aan het eind van Oudburg, op de hoek met de Sluizekenstraat, vind je nog twee absolute hotspots. De eerste: Simon Says, goed voor koffie, lunch en zelfs een overnachting. ‘Een coffee bar met kamers’, zeggen ze zelf. Schuin tegenover Simon Say’s zit Uncle Babe’s Burger Bar, en is niet alleen de naam al de moeite om daar eens een kijkje te gaan nemen, dan zijn het wel de cocktails, de – verrassing – burgers of de uitgebreide selectie Amerikaanse bieren.


Check hier onze 11 beste foto’s van Gent


3. Frietjes van Filip

Een stuk klassieker maar onmisbaar tijdens een bezoek aan Gent: Frietjes van Filip. Frituur bij Filip, heet het frietkot officieel. Dat kot zit een tikkeltje verscholen tegen de gevel van het Vleeshuis op de Groentenmarkt, maar heb je het eenmaal gevonden dan is het raak. Om een heleboel verschillende redenen: de omstanders die smullend en knoeiend verkondigen dat er geen betere frieten in Gent te krijgen zijn dan hier bij Filip, het feit dat er ‘geen toog, geen tralala, maar wel gewoon goeie frieten zijn met een stevige portie mayonaise’ (aldus het officiële toerismekanaal van Gent), maar bovenal Filip zelf. Enigszins onverstaanbaar maar met een lieve blik in z’n ogen zet hij de frieten voor je neus. Te veel zout, te veel saus, maar op welk moment je er van de dag ook bent, precies wat je op dat moment nodig hebt.

4. Het Reylof

Een onvervalste slaaptip, waarover je hier nog veel uitgebreider kunt lezen. Maar ben je op zoek naar het beste hotel van Gent, zoek dan niet verder en boek een kamer in het Reylof. Statig doch modern, met een fijne bar, prima restaurant en prachtige kamers. De buitenkant is al mooi, de binnenkant stelt ook niet teleur.

Lees hier een uitgebreide review over Het Reylof in Gent

5. Eat Love Pizza

‘Als je de liefde eet, word je de liefde’, is een van de boodschappen die wordt uitgedragen door restaurant Eat Love Pizza. En ja, beetje cryptisch misschien, maar een bezoek aan deze Gentse pizzeria kan het ideale begin van je avond zijn. Alles op je deegbodem is gezond, lokaal en verantwoord. Fair dus, biologisch, maar bovenal: lekker. Daarbij is de inrichting van het restaurant positief verrassend. Ruwe, strakke, lange tafels in het midden die zo uit een werkplaats zouden kunnen komen en bovendien helemaal in het biologische thema passen: het hele interieur is opgetrokken uit recyclemateriaal. Boven de tafels hangen ontelbaar veel papieren lampen die de boel in een prachtige gele gloed zetten en helemaal achterin de zaak vind je de bar en oven. Pizza’s afhalen kun je er trouwens ook.
Nog een restauranttip: in hetzelfde gebouw maar dan aan de achterkant zit Chix Rotisserie. Zelfde idee maar dan met hoevekip aan het spit. ‘Scharrelkip die mooi buiten rond mag lopen, trager groeit en dubbel zoveel leefruimte krijgt.’ Verantwoord eten dus.

6. Bier

Je kunt eigenlijk niet in Gent geweest zijn zonder in de Charlatan te hebben gestaan, de beroemdste kroeg van heel de stad. Toch laten we die even voor wat het is, aangezien we geen dronken tieners meer zijn en ook geen vrijgezellenfeest op de planning hebben staan. Andere cafés waarover met veel respect wordt gesproken op de Ambassade: ’t Galgenhuisje, omdat dat het kleinste café van Gent is. De Dulle Griet, omdat je daar je schoen moet inleveren voordat je bier kunt drinken uit een koetsiersglas. Het Waterhuis aan de Bierkant, omdat het in de Dulle Griet nog wel eens te druk kan zijn met mensen die bier aan het drinken zijn uit een koetsiersglas (getuige de mand vol schoenen halverwege het plafond). En de Hotsy Totsy om twee redenen. Ten eerste de naam. Daarnaast omdat de Hotsy Totsy een rustpunt in je Gentse avond is. Of je er nou net na het eten een biertje gaat drinken of diep in de nacht binnen komst stommelen, altijd komt er aangename jazz uit de speakers en zacht licht uit de lampen. Opgericht ook door de gebroeders Claus, Hotsy Totsy, om dan toch maar een derde reden te noemen.

7. De Kraanlei

Overdag is Gent mooi, dan blaken de gebouwen van honderden jaren oud in de zon, of trotseren ze sneeuw en regen. Maar in de avond, dan pas licht Gent echt op. En dan hebben we het niet enkel over het bourgondische karakter van de stad, want Gentenaren hoeven echt niet tot de avond te wachten voordat ze het leven eens goed vieren, nee, dan hebben we het ook over de Gentse architectuur. De meeste gebouwen in het oude stadscentrum zijn verlicht, en het rijtje dat het mooist tot z’n recht komt is te bezien vanaf de Kraanlei, tussen de Zuivelbrug en de Kleine Vismarkt. Bakstenen pakhuizen worden verdubbeld door het stilstaande water van de Leie bij nacht. De rij huizen tegenover de Kraanlei worden alleen onderbroken door de Schoenlapperstraat en het Hoefstlagstraatje. Elk huis in de rij is anders, elke gevel uniek, maar allemaal staan ze daar even mooi in het maanlicht.