Williamsburg, hip(ster) New York

Slechts op één metrohalte van Manhattan, aan de overkant van de East River, ligt Williamsburg. Nieuw New York. Een verzameling gezellig drukke dorpsstraten, waar vintage de toon voert. Tattoos in plaats van maatpakken, opgeknapte racefietsen in plaats van dure auto’s. Manhattan wil je zien, in Williamsburg wil je zijn.

Naast elkaar staan Todd Muchow en Tanveer Badal op het dakterras van het pas geopende Wythe Hotel. Het uitzicht is een plaatje. Achter een paar grote loodsen en de East River glinstert de bekendste skyline ter wereld in de avondzon.

‘Daar’, wijst Todd naar links, ‘waar nu appartementen voor een miljoen dollar per stuk worden verkocht, daar woonden we een jaar of acht geleden. Op Kent Avenue, letterlijk aan het water. Kent Ave was een slechte weg vol hobbels en kuilen. We betaalden een paar honderd dollar per maand aan huur en op het dak van ons huis gaven we feesten en barbecues. De zon op zien komen en zwaaien naar Manhattan.’

Todd en Tanveer zijn twee schoolvoorbeelden van de lokale bevolking van Williamsburg. Of Billyburg, zoals Tanveer het noemt. Allebei begin dertig, allebei geen New Yorkers van origine. ‘Todd komt uit Colorado, ik uit Los Angeles’, vertelt Tanveer. Maar weinig mensen zijn hier born and raised, en juist dat maakt de sfeer zo relaxt. Mensen wíllen hier wonen, en kiezen dus heel bewust voor deze buurt.

Hipster City

Het is dan ook niet voor niks dat de hipster cultuur hier z’n wortels heeft. De opgeknapte racefietsen, de vrolijk vol getatoeëerde lichamen en de creatieve zielen die koffiedrinkend waar dan ook op hun laptopje werken. Je ziet ze inmiddels in elke wereldstad, maar dit is de buurt waar ze vandaan komen. ‘Volgens sommigen in Bushwick’, weet Tanveer. ‘Maar geloof me, het gebeurt allemaal hier in Billyburg.’

Dat lijkt elke ochtend wel even op gang te moeten komen, maar het is vooral een kwestie van de juiste plekken weten. Rondlopen in Williamsbrug voelt als rondlopen door een verzameling dorpsstraten. Verkeer is er in sommige straten nauwelijks. Vijf- of zesbaans wegen, waarover het verkeer downtown door the City raast, vind je hier sowieso niet. Bij het oversteken moet je vooral uitkijken voor fietsers, want de meeste locals scheuren hier rond op fixies. Racefietsen zonder remmen. Je herkent de straathoeken met metrostations er feilloos aan: rijen dik staan de fietsen tegen hekken en lantaarnpalen geparkeerd.

L-train

Werken doen de meeste inwoners nog steeds in Manhattan, want daar zit het geld. Het liefst als fotograaf, grafisch designer of choreograaf. Als het maar creatief is. Maar de concurrentie is nergens zo groot als hier en de huur moet ook betaald worden, dus vaak wordt er bijgeklust met een baantje als barman of serveerster. Maar wonen, uitgaan, eten en drinken gebeurt aan deze kant van de rivier. ‘Het Empire State Building ben ik nog nooit op geweest’, zegt Todd, terwijl hij het laatste streepje zonlicht erachter ziet verdwijnen. ‘Ik heb nog nooit een honkbalwedstrijd gezien in Yankee Stadium en Central Park ben ik misschien al wel een jaar niet geweest. Alles wat ik zoek, vind ik in Williamsburg. En alles waar New York zo bekend om is, heb ik niet zo veel mee. Te druk, te toeristisch. Maar het is natuurlijk niet voor niets zo beroemd. Misschien moet ik de overkant maar eens opnieuw gaan ontdekken, en door de ogen van een toerist bekijken.’

Ga je met de L-train, een van de New Yorkse metrolijnen, die downtown Manhattan begint en dwars door Williamsburg snijdt, dan zie je de overgang duidelijk. Maatpakken zijn verdwenen als de metro onder de East River duikt. T-shirtjes met opgerolde mouwen en tatoeages krijgen de overhand. Weet je even niet meer welke halte je moet hebben; een blik op de uitgang is genoeg. Volg de hoedjes en baarden en eenmaal boven stap je zo weer een splinternieuw koffietentje binnen.

 

Food & Coffee

Williamsburg draait vooral om eten en drinken. Vraag een inwoner van dit deel van Brooklyn naar zijn of haar favoriete plek in de stad, en de kans is groot dat er een enthousiast verhaal komt over een restaurantje of koffietent. Van ontbijt tot het allerlaatste biertje, het gebeurt allemaal buiten de deur. ‘De hele dag door zit alles ook vol’, lacht Tanveer. ‘Alsof iedereen hier niets beters te doen heeft, of gewoon moet werken. Maar ik vind het heerlijk.’ En hij kan het niet laten om er meteen twee tips achteraan te geven. ‘Marlow & Sons, op Broadway, daar moet je lunchen. Elke dag is er een ander, nieuw menu. Ze waren een van de eersten die de potentie van Williamsburg zagen en zitten er dan ook al jaren. En elke dag vol. Ga ook een keer ontbijten bij Egg, op Bedford Avenue. De eigenaar heeft een grote boerderij upstate, dus alle producten zijn vers en biologisch. Vooral in het weekend zit het bomvol, maar daar hebben ze een hele praktische oplossing voor bedacht. Bij de ingang schrijf je je naam op een lijst, je wacht buiten in het zonnetje en je wordt vanzelf geroepen als je tafeltje klaar is.’

Iconisch

Inmiddels is het zo goed als donker. Op de Hudson vaart af en toe een ferry of rondvaartboot voorbij. Erachter ontsteken miljoenen lichtjes. ‘Ik moet er vandoor’, zegt Todd. ‘Werken, een avondje achter de bar staan bij Sindicato de Cocineros. Het zit op Nassau Avenue, als jullie zin hebben moet je maar even langskomen vanavond. Er is een Colombian party. Cocktails en salsa.’ En weg is hij. Tanveer kijkt nog eens naar de overkant. ‘Todd heeft wel gelijk. Het feit dat Manhattan er is, is genoeg. De skyline zien is fantastisch, maar de rust om er niet midden in te hoeven staan is heerlijk.

Manhattan is iconisch, in Williamsburg wil je wonen.’


 

Zelf gaan?

Met Icelandair vlieg je vanaf €403,- retour van Brussel naar New York. Je hebt een overstap in Reykjavik, en daar krijg je zonder extra kosten een week de tijd voor. Als je wil kun je er dus een paar dagen IJsland aan vast plakken, en heb je twee bestemmingen voor de prijs van één vlucht.

 

No more articles