IJsland: dansen in een vulkaan

Uniek op de wereld, en een van de mooiste ervaringen in je leven. Zo wordt de IJslandse Inside the Volcano tour omschreven. In nog geen zes uur van hoofdstad Reykjavik tot in de magmakamer van een vulkaan. En weer terug.

11:57 uur – Reykjavik

Op een grote parkeerplaats in het centrum van Reykjavik staan drie busjes van dezelfde touroperator naast elkaar. ‘Kom je voor de Volcano tour?’, vraagt de buschauffeur van het eerste busje. ‘Stap maar in dan.’ Binnen zitten nog drie anderen. Twee vriendinnen en een alleenreizende student. Alle drie backpackers, alle drie Amerikaans. ‘We zijn compleet’, zegt de chauffeur direct daarna en start de motor. De groep kijkt elkaar aan. Vier man, dat is niet veel.
‘Ze houden de groepen altijd klein’, vertelt de chauffeur als hij de vertwijfeling ziet. ‘Zo wordt jullie ervaring persoonlijker en de begeleiding intensiever. Een stukje extra service.’
‘Ze?’, vraagt een van de twee meisjes. ‘Ben jij niet onze gids dan?’.
‘Nee’, antwoordt de chauffeur. ‘Ik ben de chauffeur.’

12:21 – Blafjallavegur

Vrijwel meteen buiten Reykjavik begint datgene waar IJsland beroemd om is: het grote niets. Een vulkanisch eiland, dat werd in 2010 nog even haarfijn duidelijk gemaakt door de uitbarsting van de Eyjafjallajökull. Maar ook zonder kennis van die geschiedenis is het in één oogopslag duidelijk. Het landschap is kaal en donker. Op de grond een mengeling van zand en stenen. Op de maan moet het er ongeveer zo uitzien. Verder weg zijn wat heuvels. Op sommige toppen ligt nog sneeuw. Wij zijn op weg naar een andere vulkaan, eentje met een iets minder moeilijke naam. Thrihnukagigur. Nog steeds nauwelijks uit te spreken voor een niet-IJslander. Heel ver van Reykjavik is het niet, een kilometer of twintig. Over de bochtige wegen ongeveer een half uurtje rijden. Onderweg wordt er niet veel gesproken. De twee vriendinnen dommelen wat weg. Waarschijnlijk de avond ervoor uit geweest in de hoofdstad. De jongen lijkt in gedachten verzonken. Hij kijkt uit het raam. Buiten hangt een dikke laag bewolking. Heel af en toe valt er een stukje blauwe lucht te ontdekken.
‘We zijn er’, zegt de chauffeur.

12:33 – Blue Mountains parking lot

‘Hoi, ik ben Maria’, zegt een vrolijke vrouw in een felgroene jas. ‘Jullie gids voor vandaag.’ Maria wijst naar twee flinke heuvels in de verte. ‘Daar moeten we heen’, zegt ze. ‘Zijn jullie er klaar voor? Het is ongeveer een uur lopen. Kom.’ We stappen de weg af, het landschap in. Achter ons rijdt de chauffeur er weer vandoor. Het geluid van de motor sterft langzaam weg.

13:13 – Reykjanesfólkvangur

Onderweg vertelt Maria veel over Thrihnukagigur en IJsland. De reden dat er hier zoveel rommelt in de grond, is omdat het eiland op de scheiding van de Europese en Noord-Amerikaanse plaat ligt. Precies in het gebied waar de Thrihnukagigur ligt. Daarom zijn hier zoveel vulkanen en barst er af en toe eentje uit. De laatste keer dat deze vulkaan uitbarstte is vierduizend jaar geleden. ‘Hij slaapt al een tijdje dus. Maar het is mogelijk, hij zou weer kunnen uitbarsten. De magmakamer, waar we over een klein uurtje in zullen afdalen, is bij toeval ontdekt in de jaren zeventig. Door Einar Stefánsson, een van de oprichters van deze tour. Pas veel later kon de vulkaan open voor publiek. Deze tour bestaat pas een paar jaar. Het is de enige vulkaan ter wereld waar je in kunt afdalen, én weer veilig boven kunt komen.’
Het is een flinke wandeling, een bestaand pad is er niet echt. We lopen over oneffen terrein, door modderig zand en over rotsen. In een rechte lijn naar het ‘basecamp’.

13:45 – Basecamp

Het basiskamp van de Volcano tour is een klein, wit gebouwtje. Type bouwplaats kantine waar werklui hun koffie drinken. Binnen zitten een paar collega’s van Maria. Er wordt koffie en thee geschonken en IJslandse soep. Inmiddels schijnt af en toe de zon. Buiten zit een groepje dat net in de magmakamer geweest is. ‘Absoluut fantastisch’, zegt een Noorse jongen met een grote glimlach. ‘De kleuren daarbinnen, je weet niet wat je meemaakt.’

14:03 – Thrihnukagigur – de top

‘Klaar voor?’ Ólafur, een collega van Maria, staat in de deuropening van het gebouwtje. Met z’n tweeën begeleiden ze ons naar de ingang van de magmakamer. Na een kleine klim en een inleiding van Ólafur staan we bovenop de vulkaan. Boven een groot gat hangt een soort bouwstellage. Vanaf daar zakken we straks 120 meter onder de grond.
‘Het is een lift die glazenwassers gebruikten’, zegt Ólafur. ‘Een Duitse, dus met de veiligheid zit het wel goed’. Eén voor één klimmen we in de lift. Als iedereen staat – helm op en veiligheidstuigjes om – laat Ólafur de lift langzaam zakken. Onder de grond, de vulkaan in.

14:20 – Thrihnukagigur – de bodem

Je moet geen last van hoogtevrees hebben. In een minuut of zeven zakken we loodrecht naar de bodem van de vulkaan. Af en toe is de doorgang zo smal dat je met je handen de lift van de muur weg moet duwen. Maar verder naar beneden opent de krater zich volledig. Een grote gasbel in de grond, een geheime grot.
‘We blijven hier zo’n drie kwartier’, zegt Maria als we met de lift de bodem bereikt hebben. ‘Je mag overal lopen, maar blijf buiten de met touwen uitgezette cirkel in het midden. Dat is de dropzone, daar kunnen stenen vallen. Voor de rest: geniet ervan.’
Eerst is er nog wat ongeloof. We staan er echt. In een vulkaan. Ín-een-vulkáán. En dan, als iedereen de eerste indrukken de baas is, is er de verwondering. Kleuren die je nog nooit gezien hebt. Van diepdonkerblauw via bronsachtig oker naar klaterend goud: het is een ondergrondse regenboog van ongekende schoonheid.

Al snel heeft iedereen een eigen plekje gezocht. Om foto’s te maken, maar vooral om ademloos naar de wanden van de krater te kijken. Naar het bizarre kleurenpalet. Drie kwartier in een vulkaan doorbrengen lijkt lang, maar de tijd vliegt voorbij. Helemaal in de wetenschap dat dit waarschijnlijk meteen de laatste keer is dat je in de buik van een vulkaan zit.
En dan is er de stilte. Het enige geluid is dat van het smeltwater dat als een kleine waterval zachtjes naar beneden klettert.
Na drie kwartier roepen Maria en Ólafur. We moeten weer terug. Zeven minuten met de lift, een uur lopen en een half uur met het busje. Dan staan we weer in Reykjavik, de bewoonde wereld. Onderweg naar boven, kijkend uit de lift, zie ik nog een keer de kleine waterval van smeltwater. De druppels flikkeren in een streepje daglicht. Zwierend tot ze de bodem bereikt hebben. Dansend in de vulkaan.


Zelf gaan?

De Inside the Volcano Tour duurt tussen de vijf en zes uur. Vertrekpunt is Iceland Excursions Central Bus Station, in hartje Reykjavik. Dat is ook de plek waar je weer wordt afgezet. Voor de hike naar de vulkaan (heen en terug 2 uur) is geen bovengemiddelde conditie nodig. Voor de juiste uitrusting wordt door de organisatie gezorgd (helm, veiligheidstuig) en in het basiskamp krijg je soep, brood en koffie en thee. De tour is niet goedkoop, je betaalt 42.000 IJslandse Kronen om mee te doen. Dat is €300,-. Maar dan heb je wel de natuurervaring van je leven.
De tour is te boeken tot half oktober. In de winter is het niet mogelijk om de vulkaan van binnen te zien.

Met Icelandair vlieg je in het laagseizoen voor €250,- retour van Schiphol naar Reykjavik. Vluchtduur is zo’n 3 uur. Met WOW Air kan dat al vanaf €69,-, maar dan moet je wel de site in de gaten houden voor een goede deal.

Wij boekten onze accommodaties bij Icelandic Farm Holidays. Verspreid over het hele eiland bieden zij verschillende soorten accommodatie aan. Van B&B in een guesthouse bij de boer tot een volledig verzorgd hotel of een eigen huisje. Prijzen beginnen ruwweg vanaf €100 per nacht voor een 2-pk.

IJsland buiten Reykjavik verkennen zonder huurauto is vrijwel niet te doen. Boek je je reis via Icelandic Farm Holidays, dan zorgen zij ook voor een huurauto. Ga je op eigen houtje; alle grote verhuurbedrijven hebben een vestiging op de luchthaven van Reykjavik (Keflavik).