Overal waar we tot nu toe zijn geweest werd min of meer hetzelfde gereageerd als we vertelden over onze reis. Ogen wat groter, stem een octaafje hoger. De Noordkaap? Als in, het noordelijkste puntje van Noorwegen? Dat punt waar het land ophoudt en het in de zomer nooit donker wordt? We kregen tips, of waarschuwingen meer. Drie aspecten keerden terug. Het licht, dat op een gegeven moment niet meer uit kan. De muggen, die écht geen pretje zijn. Daar moesten we nog wel voor langs een apotheek, om anti-muggen-spul te kopen. Het best hadden we al iets online besteld of van thuis meegenomen. Want hier in Zweden is maar één middel legaal en dat kennen die muggen inmiddels wel. Ook leuk, vertelde Sebastian in Djupdalen, is om twee van die elektronische rackets te kopen. Als sterretjes met oud en nieuw knappen die muggen dan uit elkaar.
De laatste waarschuwing was de leegte. In het noorden, daar is dus niks.
We konden ons er al wel een kleine voorstelling maken. In het zuiden van Zweden is namelijk ook niet zo veel. De steden – Malmö, Göteborg, Norrköping, Stockholm – doemen op uit een helgroen landschap van bos en weide. Een overgang lijkt er niet te bestaan. Het is alles. Of niets.

Andere wereld

‘Ik ken helemaal niemand in het noorden’, vertelde Fanny vlak nadat we de muggentip van Sebastian kregen. Ze is net als de rest van de midzomernachtfeestgangers midden twintig, en ze was nog nooit in het noorden van haar land geweest. Zoals de meesten. Alleen Gustav ging er wel eens heen, om te vissen. Fanny: ‘ze praten er met een ander accent, ik kan ze nauwelijks verstaan. We leven dan wel in hetzelfde land, maar het is een wereld van verschil.’ De rest vulde aan. Noordelingen zijn gesloten. Het is een stug volkje. En voorbij Boden en Kiruna ga je misschien wel een tijdje helemaal niemand tegenkomen.
Voordat het zover is, kiezen we nog voor een dagje beschaving in Stockholm. Dat doen we in SoFo, de wijk ten zuiden van de straat Folkungagatan, vernoemd naar SoHo in New York. Als Scandinavië het Mekka van hip en cool is, en Stockholm de hoofdstad daarvan, dan is SoFo het kloppende hart.
Daarna trekken we naar het Modern Museet, voor een expositie van de Japanse kunstenares Yayoi Kusama. Die laat in een heel museum haar hallucinaties vanaf haar kinderjeugd zien, uitgebeeld in grote, lichtgevende bollen. Of enorme opblaasbare figuren met stippen.
Mocht hier over een kleine week een verzameling beeld en tekst staan waar geen touw aan vast te knopen is, dan heeft de leegte toegeslagen. Geïnspireerd door Yayoi Kusama.