Ja, als je puur kijkt naar het merendeel van de architectuur in Graz – pleisterwerk in pastelkleuren – dan lijkt de stad op zoveel steden in Oostenrijk. Nooit erg om te zijn, beetje truttig wellicht, maar het bier staat altijd koud en komt doorgaans in liters. Als je kijkt naar de traditionele kleding die nog her en der wordt verkocht, de bergen rondom de stad en de hoempapa-accordeonist die het stadscentrum opvrolijkt met meedeinende deuntjes, tsja, dan ook.
Maar Graz is toch net wat anders. Sowieso wat onbekender. Erik, als ie dan echt eerlijk moest zijn, kende Graz helemaal niet. Nog nooit van gehoord zelfs. En dat voor de tweede stad van Oostenrijk. ‘Een reisjournalist niet waardig misschien, maar zo is het dus wel.’
Hij herstelt. ‘Nee, zeg maar dit: ik heb toch heel veel over Graz gelezen, maar nooit verwacht dat het zó modern zou zijn.’
Die tweede stad van Oostenrijk zit vol studenten. Dat, zegt iedereen die we hier spreken, zorgt voor een boel leven in de brouwerij. De cafeetjes rondom de universiteit zijn altijd open. Ze houden het oude stadscentrum – grootste Middeleeuwse stadscentrum van Midden-Europa, om maar eens wat te noemen – jong en fris. In de Mur, die midden door Graz stroomt, wordt af en toe gesurft, zoals ook München een heuse stadssurfspot heeft. Een pop-up bar en terras direct aan wal kijkt over dat stukje rivier uit.

Het Kunsthaus

Maar het moderne zit hem toch vooral in één gebouw. Midden in de stad staat het Kunsthaus, het moderne museum van Graz. Dertien jaar geleden gebouwd, toen de stad Culturele Hoofdstad van Europa was. Volledig van donkerblauw glas. Ronde, organische vormen, als een kwak pudding die is neergezet en nog aan het nadrillen is. Op het dak zitten een stuk of zestien kleine uitstulpingen, die nog het meest lijken op afgeknipte tentakels van een inktvis. Je ziet het het best vanaf het uitkijkpunt Schlossberg, hoog boven het centrum. In niets lijkt het Kunsthaus, ontworpen door de Londense architecten Peter Cook en Colin Fournier, op de stad waarin het staat.
Zoals bij het Guggenheim in Bilbao, of The Bean in Chicago, was het voor de inwoners van Graz even wennen toen het Kunsthaus er stond. Maar al snel kreeg het gebouw de bijnaam ‘The Friendly Alien’. Ze vonden het eigenlijk wel mooi, die Oostenrijkers.
Het bleef niet bij alleen het Kunsthaus. Ook in 2003 werd er, in dezelfde stijl, een kunstmatig eiland in de Mur gebouwd. Een stalen constructie dat in het midden houdt tussen boot en eiland. Het Augarten Art Hotel past ook in dat rijtje. En je ziet het meer. Af en toe duikt er ineens iets moderns op tussen al die barokke architectuur. Het schudt de boel lekker op.