Salzburg schuwt de clichés niet. De grote burcht die hoog boven de stad uit torent, de kerken, veel gebouwen van marmer. Het geboortehuis van Mozart, waar in grote, gouden letters Mozarts Geburtshaus op de gevel staat, naast een lange, Oostenrijkse banier. De Mozartkugeln, de chocoladebolletjes die door de hele stad liggen uitgestald in vitrines en etalages, waarvan elke winkel zegt dat ze het originele recept verkopen. De tientallen koetsiers, die met hun paarden en koets toeristen door de stad rijden. De schnitzels op de menukaarten en de pullen bier in de cafés. De aangeharkte bloemenperken, de marmerzaal in het Mirabelle. De overdaad aan barok en de pastelkleurige huizen. Alles wat je van een stad met een Middeleeuwse geschiedenis verwacht, kom je hier nog tegen. En het ligt er dik bovenop.
Zeker in de zomermaanden, als het Salzburger Festspiele aan de gang is. De Festspiele is een festival van muziek, opera en theater dat al sinds 1877 wordt gehouden. Door de hele stad zijn er iets meer dan een maand lang voorstellingen. In kerken, op pleinen, in reguliere concert- en theaterzalen of op speciale locaties.

Lederhosen en dirndls

De meeste bezoekers – een enkele toerist daargelaten – zorgen er voor dat zo’n voorstelling gepast gekleed bezocht wordt. In het lang, of beter nog, in traditionele kledij. Lederhosen en dirndl zijn hier geen grap voor carnaval, maar traditie waar de bevolking trots op is. Dus zie je overal door Salzburg traditioneel geklede Oostenrijkers. De mannen met nette, bruine schoenen, hoog opgetrokken wollen kniekousen, en lederen korte broek en daarboven een net gestreken overhemd met erop een giletje, of jasje – of allebei. De vrouwen in hun dirndl zien eruit alsof ze zojuist zingend uit een zonnige bergweide zijn geplukt.
De vele Japanse toeristen (Salzburg is overduidelijk een belangrijk onderdeel van het Europa-pakket bij reisbureaus in Azië) kijken hun ogen uit. Dit is Europa uit de films en boeken. Het is echt zo, zullen ze thuis vertellen als de vakantiefilms nog eens worden afgespeeld.
En het is ook echt zo. De koetsen zijn misschien wat te veel van het goede, maar al het andere is een eerlijke ode aan het verleden. Oostenrijkers houden van traditie, Salzburgers zijn trots op hun stad. Dat de toeristen het mooi vinden, dat is mooi meegenomen. Maar waren die er niet geweest, dan hadden ze het ook zo gedaan.